Recept 56, Korstjesvlees.

 

600 g rundvlees (borstlap)
3 dl bruin bier (geen Heineken!)
1 ui
1 teentje knoflook
1/2 rode Spaanse peper
1 snufje zout
1/2 theelepel djinten
1 theelepel ketoembar
1 theelepel laos
2 theelepels sambal oelek
2 eetlepels Javaanse suiker of honing
1 eetlepel ketjap manis

Dit recept ontleent zijn naam aan de gekarameliseerde korstjes rond het vlees.
S
nijd het vlees in middelgrote blokjes en zet die 2 uur in het bier.
Snipper de ui, de knoflook en de rode peper en stamp ze met de djinten, de laos, de ketoembar en het zout fijn.
Fruit dit mengsel in olie tot de ui lichtbruin ziet.
Haal het vlees uit het bier en bak het 3 minuten mee.
Overgiet het vlees met het bier en laat het geheel een uurtje sudderen.
Meng de sambal, de suiker (of de honing) en de ketjap tot een papje.
Doe olie in een hete wok, voeg het mengsel toe en wacht tot het geheel goed heet is.
Schroei het vlees hierin (zonder het suddervocht) in enkele minuten dicht.
Serveer het vlees met rijst en een groente (bijvoorbeeld gele bloemkool).
Aanvulling: 150 g champignons en 1 ui
Snijd de champignons in plakjes en de ui in ringen.
Giet het suddervocht in een ovenschaal, leg het vlees erin en bedek het met de ui en de champignons.
Zet de schaal 10 minuten in een op 220C voorverwarmde oven.